Breisteken

zaterdag 11 mei 2013 - 22:41 uur

Er zijn veel verschillende patronen die je kunt gaan breien. Door verschillende patronen is het leuk om daar mee af te wisselen. Iedere keer een zelfde patroon breien gaat uiteindelijk ook erg vervelen. Een sjaal met een leuk patroon er in ziet er ook erg leuk uit. Een paar voorbeelden van verschillende patronen.

Boordsteek


Gerstekorrel
De eerste naald: brei 1 steek recht, 1 steek averecht, 1 steek recht, 1 steek averecht herhaal dit tot het einde van de naald. De tweede naald: brei 1 steek averecht, 1 steek recht, 1 steek averecht, 1 steek recht, herhaal dit tot het einde van de naald.

 

De gerstekorrel is een leuke steek, het geeft een mooi klein motiefje in een sjaal wat het net even anders maakt als andere sjaals.

Eenvoudige kabel
 


Ribbelsteek
 

Patentsteek
De eerste naald: brei alle steken recht. De tweede naald: maak 1 kantsteek, 1 dubbele rechte steek, 1 steek recht, herhaal 1 dubbele rechte steek en 1 steek recht tot de laatste steek en steek die af met een kantsteek. De derde naald: maak 1 kantsteek, 1 dubbele rechte steek, 1 steek recht en herhaal de laatste twee stappen tot het einde van de naald eindig de naald met een 1 dubbele rechte steek en 1 kantsteek.

De patentsteek is een steek die voornamelijk wordt gebruikt voor het breien van sjaals. Vroeger werd deze steek vaak gebruikt voor het maken van truien, de wel bekende slobbertruien.

Tricotsteek
Bij de eerste naald maakt u alle steken recht. Bij de tweede naald breit u alle steken averecht.



Een tricotsteek is gebaseerd op recht breien en averecht breien. Het is een van de eenvoudigere steken die daarom ook redelijk vaak gebruikt wordt.

Brei afkortingen

Bij breien worden er veel afkortingen gebruikt, wanneer je deze niet kent kan het lastig worden om te begrijpen wat er wordt bedoeld.